De buffer
De energie van je zonnepanelen opslaan in een batterij voor een later moment is een mooie manier om minder vatbaar te zijn voor prijsschommelingen. Voor degene die nog een vast energiecontract hebben, dit geldt niet voor jullie sla dit stukje lekker over pak wat koffie en maak je klaar voor de volgende alinea. Maar voor de lezers met een dynamisch energiecontract, ga er goed voor zitten! Zoals de meeste met een dynamisch contract weten, elektriciteit heeft niet op elk moment van de dag dezelfde prijs op de day-ahead markt. De opkomst van duurzame opwek heeft grote impact op deze schommelingen.
Aan de ene kant is er overdag minder vraag naar elektriciteit omdat veel zon op dak en zelfconsumptie steeds meer de vraag drukt (al helemaal in 2028), en aan de andere kant is het aanbod goedkoper om dat de prijs per MWh van duurzame opwek lager ligt dan die van conventionele fossiele energiedragers. Duurzame opwek heeft namelijk geen brandstofkosten, geen emissiekosten, lagere operationele kosten en worden vaak ook nog gesubsidieerd.
Maar wanneer de zon niet meer schijnt en de wind gaat liggen moeten we nog steeds gebruik maken van fossiel, die prijs ligt dan fors hoger omdat centrales ook “in-the-money” willen zitten, oftewel met minder draaiuren hetzelfde rendement proberen te halen. Zie voor een uitgebreide uitleg hiervoor dit artikel over het merit order principe. En laat het nou net zijn dat de prijs hoog ligt wanneer de meeste mensen thuiskomen of hun ontbijtje staan klaar te maken. Op die momenten geen energie van het net afnemen maar van je batterij snoepen is dan mooi meegenomen. Helaas kan je niet honderd procent van je eigen opwek verbruiken via een batterij, aangezien er wat energieverliezen plaatsvinden bij het opladen en ontladen van je batterij, zo’n 5-15% (Kebede et al., 2022). Maar ach, druppel op de (koperen 😉) plaat.
The moneymaker of moneybreaker
Misschien nog wel de grootste aankondiging van de afgelopen tijd waren de terugverdientijden, zo laag als 3 jaar?! Of misschien toch wat langer, laten we 7 jaar zeggen. Maar ook daar zijn experts niet zeker van. Vooral het reageren op de onbalansmarkt om snel geld te verdienen is onzeker, passieve onbalanssturing wordt dat genoemd.
Hierbij wordt gereageerd op prijsprikkels van de aFRR markt van Tennet, een dienst die de landelijke netbeheerder uitvraagt aan de markt om het net in balans te houden. Maar wanneer iedereen reageert op dezelfde prikkel kan het systeem van het een op het ander moment omslaan, bijvoorbeeld op 03-04-2025. Dit zorgt ervoor dat de markt volatieler wordt en geld verdienen lastiger. Want het werkt zo, als binnen 15 minuten zo’n grote schommelingen van te veel naar te weinig elektriciteit in het net plaatsvindt, ontvang je niks als passief sturende partij (regeltoestand 2). Tennet heeft zelfs de uitzending van data vertraagd om deze schommelingen tegen te gaan, en met succes. 6 weken na de invoering was de frequentie van de schommelingen (oscillaties) afgenomen evenals de grootte ervan (amplitude). Helaas is het aantal keren dat regeltoestand 2 voorkomt niet gedaald (Tennet, 23 januari 25).
Wat dit betekent voor de thuisbatterij is dat geld verdienen op deze markt geen zekerheidje is, al helemaal niet wanneer de markt verzadigd raakt waarin iedereen reageert op hetzelfde prikkel. Je business case uitbreiden door je laad en ontlaadgedrag te optimaliseren is een mooie toevoeging. Zoals ik net uit heb gelegd kan je op momenten van de dag een lagere prijs verwachten op de day-ahead markt, dus laden op een goedkoop moment en ontladen voor eigen gebruik op een duur moment kan de terugverdientijd inkorten, of beter gezegd wanneer de spread hoog is.
Eigen opwek gebruiken, wat je marginaal 0 euro per kWh kost om op te wekken, kan je in batterij opslaan, lees wederom de batterij als “de buffer”. Neem daarbij de terugleverheffingen die energieleveranciers rekenen voor het terugleveren van elektriciteit in het net, en de salderingsregelering die er per 2027 afgaat, en de batterij ziet er nog aantrekkelijker uit (ACM). Wellicht kan de thuisbatterij zelfs helpen bij het oplossen van netcongestie, maar dat is wellicht een heel nieuw artikel waard. Wat je in ieder geval welk kan zeggen is dat stroom achter de meter houden in tijden van hoge zonne-energieproductie voor de netbeheerder een mooie tegemoetkoming kan zijn.
Net (geen) impact
Lekker impact maken met z’n allen dat wil toch iedereen, maar wat is nou de impact op het net van de thuisbatterij. Eerlijk gezegd weten we het nog niet maar Rik Spitters heeft een mooi voorbeeldje hiervan gegeven:
“…. Laten we eens een recente forse balansschommeling nemen van maandagochtend 3 maart: binnen een half uur ontstond er een landelijk overschot van zo’n 700 MW, waarna binnen een kwartier een tekort van 700 MW ontstond. Een totale delta van 1400 MW, wat gelijk staat aan het vermogen van enkele centrales. Liander heeft ongeveer 40.000 middenspanningsruimtes met wijktransformatoren. Laten we voor het gemak aannemen dat er dan ongeveer 120.000 totaal in heel Nederland staan. Stel nu dat zo’n wijktrafo een belasting van zo’n 200 kW heeft in de avondpiek en dat deze volledige vermogensschommeling veroorzaakt is door flexibele assets (zoals batterijen) bij kleinverbruikers. In dat geval zal, bij een gelijkmatige spreiding van die flexibiliteit, het vermogen van die wijktrafo in dat kwartier gefluctueerd hebben van 200 KW naar 206 kW, vervolgens naar 194 kW en weer terug naar 200 kW. Niet echt indrukwekkend dus…”
Niet echt indrukwekkend dus. Maar het product voor nu nog gericht op energie-enthousiastelingen, oftewel mensen met een dynamisch contract én zonnepanelen én een elektrische auto. Dit zijn al mensen die hun aansluiting helemaal proberen te benutten. Is dit een probleem? Wel als je kijkt naar de kosten van een aansluiting (Liander, 2024).
Een standaard huishouden heeft een netaansluiting van 3×25 A(àmpere).
Kosten? € 401
Eén treetje hoger, een 3x35A netaansluiting, kost meer dan 4 keer zoveel: € 1.732
De reden dat een 3x25A-aansluiting per kW zoveel goedkoper is, komt voort uit het lagere gemiddelde verbruik op deze aansluiting. Het gemiddelde stroomgebruik van klanten met een 3x25A-aansluiting is ongeveer vier keer lager (ongeveer 4 kW) dan dat van klanten met een zwaardere 3x35A-aansluiting (ongeveer 17 kW). Netbeheerders baseren het tarief van het aansluittype namelijk niet op het maximale vermogen, maar op het gemiddelde verbruik. Hierdoor blijft de prijs per kW relatief consistent over verschillende aansluittypes.
Echter, een probleem ontstaat wanneer er massaal elektrische voertuigen worden opgeladen en batterijen opgeladen op 3x25A-aansluitingen. Dit leidt namelijk tot een sterke stijging van het gemiddelde verbruik binnen deze aansluitcategorie, wat uiteindelijk zorgt voor hogere netkosten. Als gevolg hiervan betalen álle consumenten, inclusief huishoudens zonder grote energieverbruikers zoals een elektrische auto, mee aan deze verhoogde kosten via hogere netbeheertarieven.
Hierin kan een nieuw tarievenstelsel wellicht wel helpen, waarin de gebruiker betaald. Berenschot heeft in opdracht van Netbeheer Nederland een onderzoek gedaan naar een alternatief nettariefstelsel voor kleinverbruikers (zie het figuur hierboven). Hierin was de hoofdconclusie dat een nettarief dat is gebaseerd op tijd en volume ertoe leidt dat de zwaarste belasters ook de hoogste kosten maken, een ruime minderheid gaat zelfs minder betalen voor zijn energie. Niet alleen is het eerlijker naar de eindgebruiker, ook de netbeheerder hoeft minder te investeren in haar netten en vermindert het netcongestieprobleem. Ik zie pure winst. Naja de energierekening wordt wat ingewikkelder maar ik heb vertrouwen in de Nederlander en zijn begrip voor een nieuw energierekeningsysteem. Ik denk dat bewustwording creëren voor je energieverbruik hard nodig is.
Groen hart, grijze batterij?
Als je een groen hartje hebt overweeg je wellicht zo’n modern ding aan te schaffen. De vraag is, is een extra apparaat ook daadwerkelijk groener? Intuïtie zou zeggen ja, je kan je eigen opgewekte energie opslaan. Punt uit. Maar het energiesysteem wordt steeds groener, de Nederlandse elektriciteitsmix is steeds duurzamer. Dit houdt in dat de elektriciteit uit het stopcontact steeds vaker even groen is als dat vanaf je eigen dak. Elk jaar steeds groener, kijk maar naar de Greenenergyday. Dus een batterij heeft alleen financiële waarde, verder is het een consumptiegoed waar grondstoffen voor nodig zijn en ook hier komt uitstoot bij vrij.
De meeste thuisbatterijen zijn ook nog van Lithium-ion gemaakt, wat moeilijk te recyclen (GAZ) is en energie en waterintensief in productie (IER, Wetlands). Zie voor een uitgebreide uitleg over CO2 uitstoot van een thuisbatterij (CE Delft). Ook de EU heeft door dat wetgeving nodig is om de benodigdheden voor het bouwen van de thuisbatterij in kaart te brengen, daarom is het vanaf 2027 verplicht voor alle batterijen om een paspoort te hebben (TNO).
Dit paspoort zorgt ervoor dat iedereen kan zien waar het batterijtje is geweest, maar ook waar en hoe het van is gemaakt. Zo nemen we niet alleen economische duurzaamheid mee in de afweging, maar ook ecologische en sociale duurzaamheid. Een stap vooruit als je het mij vraagt.
De hamvraag: moet je het doen?
Zoals ik in het begin al schreef: antwoorden hebben we niet, inzichten wel. Zoals wellicht al duidelijk was geworden heeft het aanschaffen van een thuisbatterij wat haken en ogen.
Niks staat je in de weg om er een aan te schaffen maar denk aan een paar dingen. Het kan een mooie buffer zijn voor het opslaan van je eigen opgewekte energie, maar weet dat dat steeds minder milieuwinst oplevert. Wil je de energierekening niet te hoog op laten lopen, dan is het wellicht wel een goed idee.
Weet alleen wel dat de terugverdientijd die geadverteerd wordt niet zijn niet geheel realistisch. Iets in de trant van: in het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst.
Over het laagspanningsnet hoef je je geen zorgen te maken, maar een alternatief tarievenstelsel voor kleinverbruikers kan ervoor zorgen dat je energierekening verandert. Mitsen en maren alom, maar ik denk dat de thuisbatterij een interessante toekomst heeft die een aanzienlijke rol gaat spelen in het energieverbruik van een groot van de huishoudens in Nederland.